Moeskroen versus Griekenland

Als je mijn cd-verzameling bekijkt, dan denk je: mijn god. Echt waar. Het is een allegaartje. Klassieke en filmmuziek, veel Franse muziek waaronder Patrick Bruel – évidemment – Dalida en Michel Delpech, maar ook cd’s van The XX, David Bowie, Will Tura, Rocco Granata, the Editors, Elbow, Doe Maar,… liggen op de kast. Van alles wat. Zoals het in mijn hoofd ook vaak van alles wat is. Chaotisch zou ik het niet noemen, maar wel veel. Van alles veel. Mijn hoofd kan vol Griekenland zitten, terwijl ik hier mijn liefde verklaar aan Moeskroen. Ik zeg maar iets. En het is waar: ik hou van Moeskroen. Als je niet in Griekenland bent, dan kan je maar beter in Moeskroen toeven. Laat mij duidelijk zijn: er is geen zee in Moeskroen en het weer is er al net zo abominabel als in de rest van België. Meer nog: het Griekse restaurant aldaar is niet super, al verdienen de uitbaters misschien een tweede kans. Ik kwam er toen ik net terug was van Tolo en ja, concurreer nu eens met Tolo. Onbegonnen werk. Maar Moeskroen is zoals Griekenland dat ook is, hartverwarmend. De mensen aldaar charmeren mij. Je moet je dat zo voorstellen. Je doet de deur van een brasserie open en de warmte omhelst je als het ware. Je neemt plaats aan een tafeltje bij de open haard. Muziek van Michel Delpech weerklinkt. De ober groet je hartelijk. Alsof je zijn enige en veruit belangrijkste klant bent. Hij neemt de bestelling op en later brengt hij je lunch. Het ruikt hemels. Het smaakt ook hemels. De ober schenkt je zijn beste glimlach. Aan de bar staat een vitrinekast met het heerlijkste gebak. De aanblik alleen al. En dan, na al dat warms en lekkers, dan brengt diezelfde ober je een koffie, een Storme-koffie. Want Moeskroen, dat is ook Storme koffie. En op dat moment verdringt Moeskroen Griekenland in mijn veel te volle hoofd.

Knipsel1

foto: Storme koffie

Delen: